Paragrafen

5. Onderhoud kapitaalgoederen

De gemeente Asten is qua oppervlakte uitgestrekt (ruim 7.000 ha). Er vinden veel activiteiten plaats zoals wonen, werken en recreëren. Voor de activiteiten zijn veel gemeentelijke kapitaalgoederen nodig: wegen, riolering, verlichting, (openbaar) groen, speeltoestellen, civiele kunstwerken en gebouwen. De kwaliteit van de kapitaalgoederen en het onderhoud ervan is bepalend voor het voorzieningenniveau en uiteraard de (jaarlijkse) lasten. Met het onderhoud van deze kapitaalgoederen is een substantieel deel van de begroting gemoeid.

In deze paragraaf wordt het beleidskader geschetst voor het onderhoud van kapitaalgoederen en de daaruit voortvloeiende financiële consequenties.

Wat willen we bereiken?

Inzicht in en realisatie van het gewenste onderhoudsniveau van de gemeentelijke kapitaalgoederen. Dit kan onder andere bepaald worden aan de hand van de gewenste kwaliteit of landelijk gehanteerde normen.

Wat doen we daarvoor?

Algemeen beleidskader
Het uitgangspunt bij het onderhoud van gemeentelijke kapitaalgoederen is dat deze op een adequate wijze worden onderhouden. Onderhoudslasten worden gemaakt om een kapitaalgoed in goede, oorspronkelijke staat te houden, zodat het naar behoren kan functioneren. Onderhoudslasten zijn dus niet van invloed op de vastgestelde gebruiksduur of afschrijvingstermijn.
Dit is dus een essentieel verschil met het uitvoeren van een (vervangings)investering, aangezien die leidt tot verlenging van de gebruiksduur. Een dergelijke investering moet worden geactiveerd, onderhoud mag daarentegen nooit worden geactiveerd.

Onderhoud wordt volledig in de begroting opgenomen, waarbij onderscheid gemaakt wordt in klein en groot onderhoud.

Klein onderhoud
Dit betreft dagelijkse niet voorziene reparaties of jaarlijks terugkerende onderhoudslasten (onder andere preventieve maatregelen en onderhoudscontracten) die nodig zijn om het kapitaalgoed in functionele en veilig staat te houden.

De lasten die gepaard gaan met klein onderhoud worden volledig geraamd in het jaar waarin het onderhoud daadwerkelijk zal worden uitgevoerd. De lasten van klein onderhoud mogen nooit (ook niet in een voorziening) over meerdere jaren worden geëgaliseerd en worden dus volledig opgenomen in de exploitatie.

Groot onderhoud
Dit betreft onderhoud van een meer ingrijpende aard, dat in feite betrekking heeft op een langere periode. Met dit type onderhoud kunnen jaarlijks fluctuerende lasten gemoeid zijn.
De noodzaak voor het verrichten van groot onderhoud doet zich (normaliter) pas na een langere periode van gebruik van het actief voor, als gevolg van slijtage.

De lasten die gepaard gaan met groot onderhoud worden in het jaar van uitvoering ten laste van een vooraf gevormde onderhoudsvoorziening gebracht. Deze onderhoudsuitgaven maken dus geen onderdeel uit van het saldo van baten en lasten. De enige last in de exploitatie betreft de dotatie aan de voorziening.

De voorwaarde om groot onderhoud op deze manier te verwerken is dat er een recent (maximaal vijf jaar oud) en vastgesteld beheerplan aan ten grondslag ligt.

Specifieke beleidskaders

Wegen
Op grond van de Wegenwet zijn wij als wegbeheerder verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van gemeentelijke wegen en bermen. De wegen worden beheerd op kwaliteitsniveau C. Dit is vastgesteld in het beheer- en beleidsplan Wegen 2024-2028. Om de kwaliteit op het gewenste niveau te houden wordt jaarlijks planmatig onderhoud uitgevoerd.
Op basis van het beheer- en beleidsplan Wegen wordt jaarlijks een storting gedaan in de onderhoudsvoorziening voor het groot onderhoud. Het klein onderhoud is opgenomen in de exploitatie.
Bij de vaststelling van het beheer- beleidsplan Wegen is conform de voorschriften BBV een aparte voorziening gevormd voor achterstallig onderhoud van € 720.000,=. Per 1-1-2026 is het gros van deze achterstand weggewerkt en dit heeft vooral betrekking op de achterstand onderhoud trottoirs en asfalt rijbanen. In de loop van 2026 wordt het overige achterstallig onderhoud opgepakt zoals inritten en parkeerplaatsen.

Civiele kunstwerken

Civieltechnische kunstwerken in eigendom van de gemeente worden 1 keer per vijf jaar geïnspecteerd. Op basis daarvan vindt regulier en groot onderhoud plaats. In 2024 heeft er een inspectie plaatsgevonden. Op basis van de inspectie wordt ook inzichtelijk wat de kosten zijn voor het regulier onderhoud. Op basis hiervan wordt jaarlijks een storting gedaan in de onderhoudsvoorziening voor de kunstwerken.

Grootschalig onderhoud en/of vervanging van bruggen en duikers is niet in de onderhoudsvoorziening meegenomen.

Openbare verlichting
Het kader voor openbare verlichting is gesteld in het beleidsplan Openbare Verlichting 2026-2030. Dit beleidsplan is in november 2025 vastgesteld door de gemeenteraad en hierin zijn de missie en visie op het gebied van verlichtingsthema's binnen de gemeente vastgelegd. Belangrijke thema's hierin zijn duurzaamheid, technologische ontwikkelingen en veiligheid.
Verder formuleert het beleidsplan Openbare Verlichting richtlijnen en ambities om te voldoen aan landelijke en wettelijke doelstellingen ten aanzien van energiebesparing en wetgeving.
Voor de renovatie openbare verlichting is jaarlijks € 99.635 beschikbaar (groot onderhoud). Voor het jaarlijkse onderhoud aan de openbare verlichting (klein onderhoud) is een onderhoudscontract opgesteld en dit budget is opgenomen in de exploitatie.

Riolering en Water
Vanuit het Water- en rioleringsprogramma Asten (Wrp) werken we aan de zorgplichten uit de Wet milieubeheer (Wm) en de Waterwet (Wtw) en werken we aan de aanvullende water- en rioleringstaken:

  • Afvalwaterzorgplicht: We zorgen voor een doelmatige inzameling en transport van stedelijk afvalwater;
  • Hemelwaterzorgplicht: We zorgen voor een doelmatige inzameling en verwerking van hemelwater;
  • Grondwaterzorgplicht: We zorgen dat (voor zover mogelijk) het grondwater de bestemming van een gebied niet structureel belemmert.
  • Klimaatadaptatie: We anticiperen op klimaatontwikkelingen door onze leefomgeving duurzaam en waterrobuust in te richten;
  • Waterkwaliteit: We dragen bij aan een watersysteem met water van een goede kwaliteit;
  • Water en bodem: We gebruiken water en bodem als mede ordenend principe bij de inrichting van de leefomgeving.

Zo werken we aan een veilig, schoon en robuust watersysteem voor een leefbaar Asten. De kosten die we maken voor de zorgplichten worden gedekt uit de rioolheffing, die 100% kostendekkend is.

Groen & Spelen
In de komende jaren gaan we aan de slag met de uitvoering van het programma Groen. Waar mogelijk worden kansen aangegrepen om de openbare ruimte groener, duurzamer en natuurinclusiever te maken, de gebruikswaarde te vergroten en de klimaatbestendigheid te versterken. Middels o.a. het project ‘planten van duizenden extra bomen’ is hier in 2025 invulling aan gegeven. De komende jaren zetten we de vergroening op kleinschalig niveau voort, zowel in de kernen als in het buitengebied. We zoeken actief naar financiering én geschikte plekken waar groen duurzaam kan ontwikkelen en impact heeft.

  • Groen: Vanaf 2026 wordt er gewerkt met nieuwe beheercontracten met Senzer en commerciële partijen. Daarin wordt onder andere aandacht besteed aan onderwerpen als biodiversiteit, duurzaamheid en participatie.
  • Bomen: Het op peil houden van het bomenbestand en groenelementen (klein onderhoud) wordt jaarlijks gedaan vanuit de reguliere exploitatie. Voor het renoveren van boomlanen (groot onderhoud) zal een nieuw bomenrenovatieplan worden opgesteld.
  • Bossen: Voor bosbeheer wordt jaarlijks een beheerplan gemaakt. Daarin wordt onder andere gedund, hout geoogst en worden de opbrengsten van het hout gebruikt om onderhoud uit te voeren. Er is geïnvesteerd in het revitaliseren van meerder gemeentelijke bossen en dit zetten we de komende jaren ook voort. Dit is de basis om onze bossen om deze vitaler, biodiverser en weerbaarder te maken.
  • Spelen: In 2025/2026 wordt een nieuw speelbeleid opgesteld. Onderdeel hiervan is een uitvoeringsplan. De financiële consequenties van dit uitvoeringsplan zijn nog niet bekend.

Gemeentelijke gebouwen
De gemeentelijke gebouwen zijn in 2024 geschouwd voor groot onderhoud. Afhankelijk van de resultaten van de schouw, met inachtneming van het gewenste onderhoudsniveau dat is bepaald op het wettelijk minimum om het gebouw in stand te houden, heeft dit financiële consequenties voor de meerjarige onderhoudsplanning (MJOP). Op basis van deze onderhoudsplanningen worden de benodigde jaarlijkse stortingen in de onderhoudsvoorzieningen bepaald, waarbij de stortingen jaarlijks worden geïndexeerd.

De gemeente heeft de wettelijke taak om een routekaart op te stellen voor het verduurzamen van het gemeentelijke vastgoed. De MJOP'S moeten worden uitgebreid met het component duurzaamheid.
De routekaart wordt separaat aan de raad voorgelegd.

De lasten die gepaard gaan met klein onderhoud worden volledig geraamd in het jaar waarin het onderhoud daadwerkelijk zal worden uitgevoerd. De geraamde lasten zijn gebaseerd op ervaringscijfers.

Sportvelden

De gemeente Asten beschikt over een drietal sportparken. Op parkniveau is een onderhoudsvoorziening gevormd voor groot onderhoud, rekening houdend met de aanwezige verenigingen.

De onderliggende onderhoudsplanningen zijn eind 2025 geactualiseerd, de financiële consequenties zijn opgenomen in de begroting.
De kosten voor klein onderhoud stijgen de laatste jaren fors door onder andere veranderde wet- en regelgeving. Denk hierbij aan de discussie over rubberkorrels bij voetbalvelden en het beperken van chemische bestrijdingsmiddelen bij onder andere beregening van de velden. Alternatieven zijn in sommige gevallen voorhanden, maar werken vaak kostenverhogend.

De lasten die gepaard gaan met klein onderhoud worden volledig geraamd in het jaar waarin het onderhoud daadwerkelijk zal worden uitgevoerd. De geraamde lasten zijn gebaseerd op de geactualiseerde onderhoudsplanning.

Wat mag het kosten?

Financiële consequenties
In onderstaande tabel zijn de financiële consequenties van het groot onderhoud aan de bovenstaande kapitaalgoederen weergegeven, voor zover hier een onderhoudsvoorziening aan ten grondslag ligt.

Zoals in het algemene beleidskader beschreven, wordt het klein onderhoud van de diverse kapitaalgoederen betaald uit de reguliere exploitatie.

Voorzieningen

Saldo

Storting

Onttrekking

Saldo

1-1-2026

2026

2026

31-12-2026

Onderhoud wegen

2.647.512

1.347.529

409.916

3.585.125

Onderhoud civiele werken

21.637

23.260

20.903

23.994

Onderhoud riolering

4.413.773

1.374.023

4.691.060

1.096.736

Onderhoud groen

18.674

18.674

Onderhoud gebouwen

2.325.211

909.417

774.892

2.459.736

Onderhoud sportvelden

539.167

280.826

414.000

405.993

Totaal

9.965.974

3.935.055

6.310.771

7.590.258

Deze pagina is gebouwd op 12/30/2025 13:09:45 met de export van 12/30/2025 13:06:59